Benamingen van het paard

009benamingen paard

A Voorhand
Hoofd:
1       oren/maantop/ogen
2       voorhoofd
3       mondhoek met mondspleet
4       kingroeve
5       jukbeen
6       kaak
Borst:
7       schouder
8       boeg
Voorbeen met:
9a      onderarm
9       bovenarm
10      voorknie of handwortelgewricht
11      pijpbeen
12      kogel
13      vetlok,
waarin opgesloten eelt, genaamd spoor
14      koot
15      kroonrand (bovenrand van de hoef)
15a    hoef
16      elleboog
17      zwilwrat (aan binnenkant)
18      kootholte
Bovenkant hoofd
19      nek
20      hals
21      schoft

A Middenhand

22      rug
23      lendenen
24      ribben
25      buik
26      lies
27      flanken

C. Achterhand

28      kruis
29      heup
30      dijen
31      billen
32      knie
33      schenkel
Achterbeen met:
34      spronggewricht met aan de achterkant
35      hak
36      staart